|
|
19 april 2010
Bovenaan de dijk maak ik altijd wat extra vaart. Het is een hellinkje van een meter of dertig met beneden een scherpe bocht, en als je boven iets harder trapt kan je de snelheid nog een paar honderd meter vasthouden. Een lekker gevoel is dat.
Afgelopen zaterdag was ik op de fiets onderweg naar mijn vriendin. Wat voor me uit dromend met de wind in de rug en de lentezon in mijn gezicht reed ik op de dijk, toen ik ineens een harde klap hoorde. Ik stond bovenaan de dijk, het geluid kwam van beneden.
Op straat, beneden in de bocht waar ik normaal altijd zo lekker hard ga, lag een scootmobiel ondersteboven. Een hoogbejaarde mevrouw lag klem eronder, zonder zich te bewegen of geluid te maken. Ze had de bocht niet kunnen houden en was er met een flinke snelheid uit gevlogen. Tot overmaat van ramp was ze met haar hoofd en schouder op de stoeprand en onder haar wagentje geland.
Als een kamikazepiloot fietste ik van de helling af, gooide mijn tas en fiets op de weg en samen met een andere voorbijganger tilde ik de scootmobiel van de dame af. Ze lag in een plasje bloed, afkomstig uit een gapende hoofdwond en een gescheurde wenkbrauw. De stoeprand was rood van al het bloed. Terwijl ik nog bezig was met de scootmobiel hielden de andere meneer en een te hulp geschoten meisje de vrouw overeind en we probeerden contact te maken. Zonder resultaat, mevrouw was niet bewusteloos, maar staarde met haar grote lichtblauwe ogen niet begrijpend voor zich uit. Vermoedelijk was ze in shock of had een hersenschudding. In de goot naast de stoeprand lag haar pruik.
Na eerst haar bebloede bril en wat op straat gevallen boodschappen van de dame in het mandje van de scootmobiel gelegd te hebbben posteerde ik mezelf en mijn fiets pontificaal midden op de weg, om nieuwsgierigen en ramptoeristen op afstand te houden. Ondertussen belde de man met wie ik samen de mevrouw onder het wagentje vandaan had weten te krijgen 112.
“Tegenover de schouwburg in Hoorn is een oude mevrouw met haar scootmobiel gevallen. Ze bloedt uit een hoofdwond, er moet een ambulance komen.”
De man sprak akelig rustig, eigenlijk veel te langzaam, te kalm voor een situatie als deze.
“Welke straat dat is? Dat weet ik niet.”
“Lambert Meliszweg!’, riep ik.
“Lambert Meliszweg”, herhaalde hij. “Wat ze heeft? Ja, eeh, ze is gevallen met de scootmobiel. Met haar hoofd op de stoeprand. Ja, heel veel bloed. Hoe het precies gebeurd is? Dat weet ik niet. Ze is bij kennis, maar reageert nergens op. Nee, het gaat niet goed”.
Het ging helemaal niet goed, verre van dat. Aan de andere kant van de lijn werd nog maar eens een ruim geformuleerde vraag gesteld, maar ik was er klaar mee. “Er moet verdomme nu een ambulance komen!”, schreeuwde ik. “Ze heeft een vreselijke hoofdwond!”
Zo simpel was het blijkbaar niet. Nog een minuut of vijf van vraag en antwoord verder was ook bij 112 duidelijk dat een ambulance sturen misschien wel een aardig idee zou zijn.
“Ze komen eraan.”
“Nu al?”, reageerde ik sarcastisch en kokend van woede. Het zal wel aan mij liggen. Oude mevrouw + gevallen + bloedende hoofdwonden = ambulance, zo snel mogelijk en niet na een langdurig interview.
Wachten in dit soort situaties duurt lang, heel lang. Helemaal als je vanaf de plek waar je staat het ziekenhuis boven andere gebouwen uit ziet steken, maar geen ambulance hoort of ziet. De afstand hemelsbreed is een meter of 400, over de weg ongeveer 700 meter. Meer dan een paar minuten zou het dus niet mogen duren.
Ruim tien minuten na het beëindigen van het gesprek was er nog altijd geen ambulance. Wel kwamen twee agenten aangewandeld, op hun dooie akkertje. Blijkbaar geïnformeerd over het voorval kwam de ‘sterke’ arm der wet poolshoogte nemen. Eén agent stopte bij een bankje verderop, bovenaan de dijk. De twee mensen op het bankje hadden ook 112 gewaarschuwd en evenals de ambulance nam bromsnor nummer één de tijd om ze eens stevig te ondervragen.
Bromsnor twee kwam op zijn gemak naar de plaats des onheils gewaggeld. Een sprintje zat er niet in; het zonnetje scheen, de lucht was blauw en waar zou je je druk om maken? Zonder ook maar een woord te wisselen met mij of de anderen, die inmiddels al een kwartier bezig waren om het leed voor de gewonde dame wat draaglijker te maken, zakte hij door de knieën en vroeg of het wat ging met mevrouw. Hopelijk was dat als retorische vraag bedoeld; Stevie Wonder had nog kunnen zien dat ze niet in polonaisestemming was.
Oom agent besteedde verder geen aandacht aan de gapende hoofdwond en bloedende wenkbrauw. Ook had hij geen enkele interactie met de omstanders en gaf geen instructies. Hij praatte wat in op de arme oude dame die nog steeds niet antwoordde.
De veldwachter kwam gewoon effe kijken, althans, die indruk wekte hij. Bromsnor één stond nog altijd te keuvelen bij het bankje op de dijk. Er was daar belangrijker werk te doen dan bij het bloedende slachtoffer. Aan de vriendelijke en relaxte houding van deze pet maakte ik op dat het met zijn communicatieve vaardigheden wel snor zat; het zag eruit als een gezellig onderonsje in de lentezon. Bromsnor twee had het nog niet voor elkaar gekregen contact te leggen met de behulpzame omstanders, laat staan met het slachtoffer.
Eindelijk klonk er dan ergens in de verte klonk het geluid van een sirene, de ambulance was onderweg. Ik was al zo ver dat er stoom uit m’n oren kwam. Vanaf het moment van melding tot de ambulance ter plaatse was moest het dus 20 minuten duren! Ondertussen scharrelden er ook nog eens twee volstrekt incapabele veldwachters rond die eigenlijk alleen maar in de weg liepen. Hoe is het allemaal in godsnaam mogelijk?
Toen de ambulance zo goed als op de plaats van bestemming was heb ik mijn positie midden op weg verlaten en ruimte gemaakt. De ‘professionals’ waren onderweg en ik moest er verder maar het beste van hopen.
Aangekomen bij mijn vriendin heb ik eerst maar even stoom afgeblazen. Verdrietig en met tranen in mijn ogen vertelde ik haar over het trieste ongeval, de hartverscheurende aanblik van de oude dame, bloedend en met afgevallen pruik, maar ook en vooral was ik heel erg boos. Woedend, vanwege de stuitende onprofessionele houding van twee ongeïnteresseerde dienders die op geen enkel moment de ernst van de situatie inzagen en woest op de ambulancebroeders die er 20 minuten over deden om 700 meter te overbruggen. Met een scootmobiel doe je er nog geen vijf minuten over…
20 minuten kunnen in dit soort situaties het verschil maken tussen leven en dood. Dit waren ook 20 minuten waarin een hoogbejaarde dame koud, bloedend en ontdaan van haar waardigheid op straat heeft gelegen. Maar ik heb niet het idee dat de twee agenten zich dat ook maar één moment gerealiseerd hebben. Godverdomme.


ongeloofelijk verhaal zeg ik zou zeker een klacht indienen een ambulance hoord er binnen een paar minuten te zijn niet normaal dit.
[...] meest droevige voorbeeld van een fabriekssysteem las ik deze week op de blog van Jooper, het heet 20 minuten. Lees zelf [...]
@Repel
Thanks, maar ik deed natuurlijk wel wat iedereen gedaan zou hebben. In zo’n situatie kan je gewoon niet anders.
@Peter
Die training zou wat mij betreft heel simpel zijn. Aan iedere agent en andere hulpverlener zou ik de hele dag vragen: “hoe zou je zelf behandeld willen worden?” Iedere keer opnieuw…
@Elsbeth
Het is een idee. Maar ongetwijfeld krijg je dan de geijkte ambtelijke antwoorden dat politie en ambulance binnen de in het draaiboek vastgestelde tijden ter plaatse waren, dat ze gehandeld hebben conform de richtlijnen, blablabla
Wat een verschrikkelijk heftig en indrukwekkend verhaal. Wat triest voor zo’n dme, maar wat goed dat jij er was….
jezus wat een heftig verhaal. opsturen naar lokale krant oid!!
Een verhaal om droevig van te worden. Ik hoop dat ik het helemaal kan onthouden want dan vertel ik het in geuren en kleuren als ik eens aangehouden wordt voor fietsen zonder licht.
Mooi gezegd ook Jooper: basistraining menselijkheid. Wat denk je, zullen we zo’n training gaan opzetten? Is vast een gat in de markt.
@Marco
Bij ieder bedrijf of instelling wordt je doodgegooid met communicatietrainingen, conflictbeheersing, ehbo plus alles wat maar enigszins als relevant wordt gezien om je beroep uit te kunnen oefenen. Bij de politie krijg je een opfriscursus pistoolschieten plus twee danslessen en je mag weer de straat op om bonnen uit te schrijven. Mannen met petten zijn helaas nodig, maar een basistraining menselijkheid zou geen kwaad kunnen.
Triest. Als je met mensen werkt dan moet je dat ook echt kunnen. Adequate hulp in rust is noodzakelijk, maar schijnbaar weinigen gegeven. Politie kan trouwens ook heel agressief doen. Heb teveel gezien bij demonstraties. Het systeem van de man met de pet werkt gewoon niet meer.
@Karin
Zit denk ik wel wat in, we hebben hier teveel regels. Maar aan de andere kant, het is toch niet meer dan logisch om een lijk af te dekken en dat een agent daar niet lollig gaat staan doen. Sowieso uit respect en om trauma’s bij jonge kinderen te voorkomen, en ik hoop toch niet dat dat tegen de regels is. Net zomin als dat het tegen de regels is om met 2 agenten zo snel mogelijk op de plaats van een ongeluk te komen, de leiding in handen te nemen en zowel slachtoffers als behulpzame voorbijgangers op normale, duidelijke en respectvolle wijze te behandelen. Ik doe ook iedere dag ‘gewoon maar m’n werk’, maar ik probeer wel om het goed te doen.
@Jooper: ik ben ook bang dat het aan de regels ligt waaraan de politie zich moet houden. uiteindelijk mogen ze niets. regering moet ernaar kijken vind ik.
zat maanden ervoor bij politiebureau ivm getuigenverklaring. kreeg er ontzettende frsutratie van. dader heeft écht meer rechten dan slachtoffer. en dát zorgt voor agressie naar politie toe. het cirkeltje moet worden doorbroken. politie zit vast heb ik soms het idee. … (neemt niet weg dat je dan zulk gedrag gaat vertonen, maar zou kunnen dat het daarmee te maken heeft?)
@Michael
Onze besnorde vrienden in Hoorn maken zich vooral druk om parkeerboetes en straatmuzikanten zonder vergunning.
@Karin
Ook een vreselijk triest verhaal. Hoe kan je als agent in godsnaam zo afstompen dat je de gevolgen van je eigen (niet) handelen niet meer ziet? Dat je een melding van een zelfmoord als ‘geintje’ beoordeeld? Vanochtend stond er weer een stuk in één van de OV-kranten, dat politieagenten steeds meer te maken krijgen met agressie en steeds minder respect ervaren. Gek he…
pas geleden sprong hier van de flat een man naar beneden van zeven hoog. hij lag tergend lang onafgedekt daar te liggen. mijn buurjongen vond hem omdat ie naar de kelderbox moest om zijn fiets te pakken om naar school te gaan. hij belde als eerste de politie maar de politie dacht aan een geintje. pas toen er meer mensen gingen bellen kwamen ze pas. op hun dooie gemakkie. de man afdekken met een deken? mijn buurjongen was gefrustreerd en riep dat er straks kinderen thuiskwamen van school. of er dan niet alsjeblieft een deken op mocht? politie rookte kalmpjes een sigaretje en grapte een beetje waar mijn buurjongen bijstond. ik denk dat mijn buurjongen, naast de man die hij zomaar s’morgens vond, het amper kan verkroppen hoe politie reageerde.
ik mailde de politie nog. over hoe de bewoners ermee omgaan. een belletje? informatie? politie doet alleen maar zijn werk. …
Een droevig verhaal. Ik kan me je frustratie volledig voorstellen. Wat een eikels die smerissen! En wat een lakse houding van het ambulance-personeel. Schroom niet om je blogpost naar de consumentenman op te sturen en naar de blauwpetten van Hoorn die kennelijk niet weten waar hun werk voor staat.